Zoeken

Sportgeneeskunde

Tenniselleboog

Het is niet precies bekend hoe een tenniselleboog ontstaat. De spieren die uw pols en hand omhoog bewegen, zitten vast aan de buitenkant van de elleboog. Op die plek kan irritatie ontstaan. Dit zorgt voor pijn aan de buitenkant van de elleboog. Soms straalt de pijn uit naar de onderarm.

Hieronder leest u kort meer over de aandoening. Meer informatie vindt u in onze folder.

Zorgpad

Behandelmogelijkheden

Behandelmogelijkheden

De behandeling van een tenniselleboog bestaat uit rust, oefeningen en soms een operatie.

Rust en behandeling zonder operatie

De eerste stap is rust. U kunt uw arm tijdelijk minder belasten. Soms helpt een bandje om de pols of onderarm. Dit geeft de spieren meer rust. Andere mogelijkheden zijn:

  • Fysiotherapie om de spieren te ontspannen en de irritatie te verminderen
  • Een injectie bij de elleboog om de pijn en ontsteking te verminderen
  • Pijnstillers om de klachten te verlichten

Operatie

Helpen deze behandelingen niet genoeg? Dan kan een operatie nodig zijn. De arts maakt de aanhechting van de spieren deels los, zodat de irritatie vermindert.

Na de operatie

Na de operatie

Na de operatie kunt u de eerste dagen behoorlijk pijn hebben. Geef uw arm daarom voldoende rust. U krijgt een draagdoek (mitella). Deze draagt u de eerste week overdag. De eerste 24 uur mag u niet douchen. Ook mag u de eerste week niet zelf rijden.

Na één week komt u terug op de polikliniek chirurgie. Daarna is het belangrijk dat u uw arm en hand weer gaat oefenen. U mag uw dagelijkse activiteiten rustig oppakken, zolang dit niet te veel pijn doet. Na drie tot vier weken moet u uw arm weer goed kunnen strekken. Lukt dit niet? Neem dan contact op met de polikliniek chirurgie.

Het duurt meestal meer dan zes weken voordat u merkt of de operatie heeft geholpen. Soms verdwijnen de klachten niet helemaal.