A
B
C
D
E
F
G
H
I
K
L
M
N
O
P
R
S
T
U
V
Deze teksten worden op uw verzoek door Google Translate Services vertaald en kunnen fouten bevatten. Automatische vertalingen zijn niet perfect en vervangen geen menselijke vertalers. Albert Schweitzer ziekenhuis is niet verantwoordelijk voor mogelijke vertaalfouten. Als u vragen heeft over uw gezondheid, neem dan altijd contact op met uw arts.
Hulp bij lezen?
Lees onze pagina over toegankelijkheid.
De traumachirurg is een chirurg die speciaal is opgeleid en getraind om patiënten te behandelen na een ongeval. Trauma is een ander woord voor ongeval. De letsels na een ongeval kunnen relatief eenvoudig zijn zoals wonden, verstuikingen of botbreuken, maar ook meervoudig en zeer complex.
BotbreukenDe traumachirurg is de specialist die u behandelt als u van de fiets bent gevallen en uw sleutelbeen of pols heeft gebroken. Of met sporten uw knie heeft verdraaid of uw been heeft gebroken na een ongeluk met de scooter. De traumachirurg besluit of u dan wel of niet geopereerd moet worden.
Als u niet geopereerd hoeft te worden, krijgt u misschien gips. Maar als u wel geopereerd moet worden, kan de traumachirurg u opereren en de breuk weer vastzetten met platen en schroeven. Of misschien wel met een pen in uw bot.
Ernstige verwondingenDaarnaast is de traumachirurg gespecialiseerd in de opvang en behandeling van zeer ernstige en meervoudige gewonde patiënten, bijvoorbeeld na een ernstig verkeersongeval of een steek- en schietpartij. Het kan dan gaan om meerdere ernstige botbreuken tegelijk, maar ook om inwendige letsels van de buik- of borstholte.
De traumachirurg stuurt het team van specialisten aan dat klaar staat als een ernstig gewonde patiënt wordt binnengebracht op de Spoedeisende Hulp. De traumachirurg behoudt het overzicht in deze moeilijke situaties en overziet snel en zorgvuldig de patiënt met al zijn verwondingen. Zo kan hij snel en doeltreffend de juiste behandeling kiezen.
De traumachirurg coördineert het behandelproces en stuurt collega’s aan, zoals de anesthesist en de radioloog, voor een juiste timing van hun aandeel in de behandeling. Vaak moet een ernstig gewonde patiënt na de opvang op de Spoedeisende Hulp met spoed geopereerd worden door de traumachirurg.
DecubitusDecubitus is een ander woord voor doorligplekken. Iedereen –jong en oud- die langere tijd ligt of zit, kan het krijgen. Het is een pijnlijke aandoening, die ervoor kan zorgen dat het langer duurt voordat u beter bent. Bekijk in de video hieronder hoe u decubitus kunt voorkomen.
Als u een ongeval heeft gehad, kunt u de traumachirurg tijdens uw gehele behandeling tegenkomen. Meestal is dat op de Spoedeisende Hulp of de operatiekamer, maar ook op de verpleegafdeling als u bent opgenomen of op de polikliniek voor uw nabehandeling.
Wat gebeurt er na een 112-melding?Na een 112-melding stuurt de Centrale Post Ambulance één of meerdere ambulances of het Medisch Mobiel Team (MMT) naar de plek van het ongeval. Dit team komt met de helikopter of met een bus. Het MMT bestaat meestal uit een anesthesist en/of een traumachirurg, een verpleegkundige en in geval van de helikopter ook een piloot. Zij zorgen voor extra medische mogelijkheden ter plaatse. Bijvoorbeeld als bij een beklemming narcose gegeven moet worden om bevrijding uit een autowrak mogelijk te maken. Ook is directe chirurgische behandeling van acuut levensbedreigende letsels op straat dan mogelijk. Vervoer naar het ziekenhuis gebeurt meestal per ambulance, maar soms ook per helikopter.
Afdeling Spoedeisende HulpDe traumapatiënt wordt door de ambulance of helikopter naar de Spoedeisende Hulp gebracht. Daar gebeurt de opvang van de patiënt volgens een speciaal schema. Hierbij wordt de patiënt op een gestructureerde wijze nagekeken en worden levensbedreigende letsels als eerste behandeld.
De coördinatie en de medische verantwoordelijkheid rondom de opvang van een traumapatiënt is in handen van de traumachirurg. Het kan nodig zijn dat de patiënt geïntubeerd en beademd moet worden of dat er met spoed een milt of bekkenbloeding gestopt moet worden. In het laatste geval moet dit op de operatiekamer gebeuren en doet de traumachirurg de operatie zelf. Als de patiënt qua bloeddruk en hartslag stabiel is, kan dit soms ook met radiologische technieken zoals een angiografie en coiling. Hierbij wordt van binnenuit het bloedvat gedicht waardoor de bloeding stopt.
Na het stabiliseren van de patiënt gaat hij naar de Intensive Care Unit of later naar de verpleegafdeling voor verder herstel en revalidatie.
OperatiekamerDe operatiekamer is een belangrijke werkplek voor de traumachirurg. Als een traumapatiënt geopereerd moet worden, gebeurt dat meestal door de traumachirurg. Vaak zijn dit operaties aan gebroken botten van de armen en/of benen, maar ook van het bekken en soms de wervelkolom.
Maar ook letsels aan pezen en spieren en inwendige letsels van de buik of de borstholte worden door de traumachirurg gedaan. Uiteraard doet de traumachirurg dit in teamverband. Het operatieteam bestaat uit een anesthesist, anesthesie-assistent, operatieassistenten en soms samen met andere medisch specialisten.
PolikliniekVaak wordt gedacht dat traumachirurgie uitsluitend rennen en vliegen is bij nacht en ontij. Dat is zeker niet altijd zo, want veel operaties gebeuren overdag tijdens een geplande afspraak. Breuken die geopereerd moeten worden, hoeven niet altijd acuut. Zo worden bijvoorbeeld complicaties van breukgenezing, zoals pseudoartrose (niet willen genezen van de breuk) en osteomyelitis (botontsteking) op afspraak behandeld.
Al deze patiënten en de patiënten die recent uit het ziekenhuis ontslagen zijn, worden op de polikliniek door de traumachirurg gezien en verder begeleid totdat de behandeling klaar is.